Jodenvervolging

jodenvervolgingHitler wilde het joodse volk uitroeien. Hij vond dat dit volk minderwaardig was en een slechte invloed had op de samenleving. Hij bestempelde ze als zondebok van alle ellende. Al snel na de Duitse invasie in Nederland begon de Jodenvervolging. Eerst moesten de Joden zich laten registreren. Niet veel later begonnen de deportaties. Er kwamen anti-joodse wetten. Joden mochten ineens niet meer het café binnen, niet wandelen in de parken en er kwamen gescheiden woonwijken. Op een gegeven moment mochten ze geen gebruik meer maken van het openbaar vervoer.

Joden die werden opgepakt, moesten naar een concentratiekamp. In Nederland waren ook kampen: bekende zijn die in Westerbork, Vught en Amersfoort. In Duitsland en Polen hebben de nazi’s ook vernietigingskampen ingericht. In totaal zijn zes miljoen Joden omgekomen tijdens de Tweede Wereldoorlog. In Nederland woonden er destijds ongeveer 130.000 Joden, waarvan er 100.000 in de oorlog om zijn gekomen.
Deze pagina is uitgeprint van de website Geen Vrede met Oorlog op www.gvmo.nl